Een webwinkel starten is niet zo moeilijk. Je laat een handige neef een website bouwen, gebruikt de zolder als opslag en verstuurt de incidenteel bestelde pakjes via de lokale pakketbezorger.


Magazijn

Problemen ontstaan als de webwinkel groter wordt. De zolderkamer wordt te klein voor de voorraad en het versturen van de zendingen wordt een dagtaak. Het komt regelmatig voor dat jonge webwinkels failliet gaan, omdat ze de grip op het logistieke proces zijn kwijtgeraakt, zo bleek uit onderzoek in opdracht van het ministerie van Economische Zaken. Webwinkels staan voor het dilemma in welke mate zij de e-fulfilment in eigen hand houden en wat logistiek dienstverleners hierin kunnen betekenen. Het kiezen van het juiste moment voor uitbesteding is lastig, aldus de onderzoekers van Panteia.

Een winkelier heeft bij het openen van een webwinkel drie opties. Zo kan hij de logistieke afhandeling helemaal zelf doen. Albert.nl is hiervan een voorbeeld. Er moet dan wel voldoende dichtheid in het netwerk zitten. Een tweede optie is alle logistieke activiteiten (o.a. opslag) zelf te doen met uitzondering van het transport. Vooral eenmanszaken kiezen deze optie. De derde optie is volledige logistieke uitbesteding. Dat is gemakkelijk voor de retailer, maar wel duur.

De laatste jaren zijn steeds meer traditionele retailers ook online actief geworden. Je kunt dan zowel online als in de fysieke winkel kopen. Een retailer die naast zijn traditionele winkels een webwinkel opent, regelt de logistieke afwikkeling van de internetbestelling in eerste instantie vaak zelf. Online bestellingen worden centraal geregistreerd door de keten en regionaal verdeeld over de winkels. De bestellingen worden direct uit de winkelschappen gehaald en verpakt, waarna ze als zending aan pakketdiensten worden aangeboden. Panteia-onderzoekers Sander van der Meulen en Manfred Kindt: „Wanneer de online bestellingen aantrekken, kan dit tot hinderlijke situaties in en buiten de winkel leiden. Orderpicking uit de winkelschappen is vaak inefficiënt en de beperkte ruimte voor bestelbussen bij sommige winkels doet de afwikkeling ook geen goed. Vandaar dat retailorganisaties na de opstartfase er vaak voor kiezen de logistieke stromen van de traditionele winkel en de webwinkel te splitsen. Retailers die niet online actief zijn, geven tijdgebrek en logistieke uitdagingen als belangrijkste argumenten. Op het gebied van logistiek schrikt de omvang van de retourstroom hen af.”

Tom Steffens is projectleider Internet Logistiek bij de Rijksuniversiteit Groningen en doet onderzoek naar uitbesteding van de interne logistiek, de e-warehousing bij retailers. Hij ondervroeg managers van verschillende retailers naar het strategisch belang van de logistiek voor het succes van hun bedrijf. „Ik heb daar geen eenduidig antwoord op gekregen. De ene retailer vindt ict en inkoop van groot belang, de ander plaatst logistiek een stuk hoger. De eerste categorie retailers ziet logistiek vaak als kostenplaats die je zo strak mogelijk moet (laten) organiseren, de andere categorie gelooft in het onderscheidende vermogend van premium fulfilment en delivery.”

Er zijn nog weinig webwinkels die de distributie naar de klant, de externe logistiek, zelf uitvoeren. Amazon test momenteel drones in het Engelse Cambridge. Daar hebben experimentele vluchten geen speciale licentie nodig en moeten piloten slechts algemene regels volgen, zoals wegblijven van grote mensenmassa’s en luchthavens. Ook DHL test met drones om leveringen uit te voeren. Met de parcelcopter, die zo’n 65 kilometer per uur kan vliegen, worden medicatie en andere middelen die dringend nodig zijn geleverd op het Duitse Waddeneiland Juist.

Steffens denkt dat in de toekomst meer webwinkels de last mile delivery zullen aftasten. „Maar ook dan blijft de retourlogistiek heel lastig. Hoe ver ga je in je klantenservice? Consumenten kunnen nu bijvoorbeeld vier maten bestellen, dat is heel klantvriendelijk, maar het zorgt ervoor dat er drie kledingstukken terug moeten, dat maakt je logistieke operatie heel ingewikkeld. De meeste klanten zijn zich waarschijnlijk beperkt bewust van de financiële consequenties. Bovendien zorgen de retouren voor extra CO2-uitstoot.”

Steffens pleit voor smart sourcing per productgroep en voor onthaasting. „Niet alles hoeft de volgende dag geleverd te worden, steeds meer consumentonderzoeken wijzen uit dat veel klanten best een dag langer willen wachten als ze zelf het tijdstip kunnen bepalen. In de stad kun je misschien beter een fietskoerier inzetten en op het platteland een auto. Verder moeten we kijken hoe we de trefkans kunnen verhogen, het is inefficiënt als een pakje drie of vier keer wordt langsgebracht omdat de bewoner steeds niet thuis is.”

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail