De logistiek achter de webshop is de laatste jaren uitgegroeid tot een miljardenbusiness. Niet zo vreemd, want wie nu succes wil hebben in e-commerce moet er voor zorgen dat hij zijn e-fulfilmentzaken op orde heeft.


Hi_Fotolia_73490328_Subscription_Monthly_M

Een avondje ongemak voor duizenden huishoudens afgelopen november. Door een ICT-storing moest bezorgdienst AH.nl 3800 bestellingen annuleren. Zomaar een voorbeeldje van hoezeer wij in Nederland afhankelijk beginnen te worden van e-fulfilment, zegt Nando van Essen, initiatiefnemer van de E-fulfilment Academy. “Het grijpt in op ons dagelijks leven.”

E-fulfilment is het logistieke proces dat in werking treedt op het moment dat de klant zijn winkelmandje aan de online kassa afrekent en dat ervoor moet zorgen dat die klant dat product daadwerkelijk in handen krijgt. Bij dat proces zijn distributiecentra, vervoerders, toeleveranciers en producenten betrokken. “Eigenlijk begint het proces zelfs al eerder. Want een goede webwinkel heeft bij zijn producten al logistieke gegevens staan, zoals voorraden en levertijden”, aldus Van Essen.

Goede logistiek is een cruciale factor geworden voor een succesvolle webwinkel. Dat geldt misschien minder voor unieke producten, waarvoor klanten alleen op die ene site terecht kunnen. Maar zodra het product enigszins een commodity wordt, kan een webshop zich vooral onderscheiden door een gestroomlijnde e-fulfilment. Bij elke stap in die logistieke keten is tijdwinst te halen en een kwaliteitsslag te maken, zegt Van Essen. Soms zijn de oplossingen hightech. Zo kun je met behulp van big data-analyse bepalen welke combinaties van producten je het best in één distributiecentrum op voorraad kan hebben, omdat je weet dat die combinaties vaak samen worden verkocht. Van Essen: “Grote en kleine producten worden vaak in verschillende distributiecentra bewaard. Maar als je weet dat bij een bladblazer ook vaak gehoorbeschermers worden verkocht, zou het zonde zijn om die vanuit twee distributiecentra aan de klant te moeten leveren.”

Andere oplossingen vereisen juist minder ICT-skills, maar kunnen desondanks een groot effect hebben. “Je ziet bijvoorbeeld dat steeds meer distributiecentra een eigen fotostudio hebben. Als een nieuw product daar binnenkomt, kan er meteen een fotootje worden gemaakt, dat dan bij het product op de website geplaatst kan worden. Een product dat ’s ochtends binnekomt, kun je dan ’s middags al verkopen.”

Ook bij de verpakking ziet Van Essen grote ontwikkelingen. “Verpakken is een manier geworden om je als merk te presenteren. Zie bijvoorbeeld het verschil tussen de mooie pakketjes van Coolblue en de dozen zonder flauwekul van Amazon. Maar de juiste verpakking kan ook enorm kosten besparen. Een bedrijf dat daarop inspeelt is Neopost, dat onlangs de Logistica Award ontving voor zijn innovatieve verpakkingsmachine. Die machine scant eerst het te verpakken product en op basis van die afmetingen worden vellen karton gestanst, afgesneden en gevouwen tot een doos, waardoor er dus nooit meer karton gebruikt wordt dan nodig is. Dit zijn grote investeringen, maar die betalen zich terug door de kosten die je bespaart.”

Grootste knelpunt bij e-fulfilment lijkt nu nog de beruchte last mile. Van Essen: “Bijna een kwart van de afleveringen zijn niet first time right, omdat mensen niet thuis zijn op het moment van afleveren. Maar als we van 75% naar 90% gaan, dan bespaart dat de sector 15 miljoen euro per jaar en het zal er ook toe leiden dat mensen nog meer online gaan winkelen. Vergroting van het aantal afleveropties zal dus een grotere rol gaan spelen in de nabije toekomst. En de opkomst van avondbezorging zal e-commerce ook zeker een boost geven.”

Tekst: Tijdo van der Zee

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail